Instructies

header
kindje klapt
notenbalk

Instructies bij de cursus clapyourhands.

>Hierboven zie je een notenbalk. Deze balk heeft 5 horizontale lijnen en is verdeeld door 4 vertikale strepen. Het gedeelte tussen de vertikale strepen noemen we een MAAT. 

Vooraan zie je 2x een 4 boven elkaar, wat wil zeggen dat het is gaat om een 4 kwarts maat. Er komen dan dus 4 tellen in één maat. (lees verder onder ‘instructies/theorie’).

Er bestaan meerdere muzieksleutels maar muzieksleutels hebben we voor de ritme oefeningen in deze cursus niet nodig.

De 2 vertikale strepen aan het begin van de notenbalk in de oefeningen,

2 horizontale strepen voor de sleutel

vervangen de muziek sleutel. (meer info over de muzieksleutel: zie wikipedia)

De notenwaarde:

>Bij elk level wordt een diagram weergegeven dat aangeeft welke noten of rusten gebruikt worden die nieuw zijn in dat level.

Level 1 is een level zonder rusten, in level 2 komen de rusten erbij, level 3 is niet altijd moeilijker dan level 1 of 2 maar heeft vaak andere noten of rusten.

Gelijk met je voet kunnen zowel de klap (= noot) als de tik (= rust) vallen.

De oefeningen gaan uit van een (metronoom) tempo van kwart = 60” (fig. 1).

(Wil je meer weten over een metronoom, kijk dan op wikipedia.nl)

fig. 1

kwart = 60

Om de kwarten en de achtsten te kunnen oefenen, tik je met je voet op de grond. (zie fig: 2)

Je voet blijft steeds in hetzelfde tempo op de grond tikken, terwijl je het ritme met je handen klapt. (of tikt met een hand)

Let er op dat je voet óp de tel de grond raakt, dus in een 4 kwarts maat staat je voet óp de grond op de tellen 1,2,3,4.

(Zit je te oefenen in bijvoorbeeld een bus of trein, dan kun je ook volstaan met je tenen op en neer te bewegen. Hetzelfde geldt als hierboven n.l. je tenen staan óp de grond op de tellen.)

Laat je hiel op de grond staan.

fig.2

massa foto 077
voet12

Je tikt in een tweekwarts maat 2 x per maat, in een driekwarts,

3 x per maat en in een vierkwartsmaat, 4 x per maat.

ZEER BELANGRIJK!

HET TEMPOVAN JE VOET TIJDENS EEN OEFENING GAAT NOOIT SNELLER OF LANGZAMER.

 Merk je tijdens een oefening dat je voet sneller gaat en gaat meedoen met het ritme van je handen, dan doe je dit FOUT!

Je voet werkt als een klok. Een klok geeft een CONSTANT tempo aan. Denk aan de secondenwijzer van een horloge, die blijft ook ALTIJD in het zelfde tempo tikken!

Gebruik altijd de COMBINATIE van tikken met je voet en klappen in je handen (of tikken met een hand/vinger).

Zonder deze combinatie te gebruiken is het effect van je ritmische ontwikkeling veel minder.

Het is nuttig om het tikken van je voet en het klappen van je handen, af te wisselen met je linker en dan weer je rechtervoet.

Als je liever tikt (dan in je handen klapt) met een hand op bijvoorbeeld een tafel of op je been, ook dan is het zeer nuttig om links en rechts af te wisselen.

De manier van tellen gaat als volgt bij noten met een

zestiende waarde. ‘1e & e ‘

(deze groep zestiende noten duurt Eén tel, zie fig 3)

fig.3

zestienden met tel

 Meestal wordt de “e” uitgesproken als een ù maar je kunt hiervoor eigenlijk iedere letter kiezen die je wilt.

Er kan ook op een andere manier geteld worden worden zoals bijv.

1 e & a, of 1 ù en ù, maar daar is in deze cursus niet voor gekozen, om het tellen zo eenvoudig mogelijk te houden.

De cijfers boven de noten geven het aantal noten of rusten aan die in één maat voorkomen.

In dit voorbeeld zijn dit dus 4 tellen (noten) in éen maat.

Hier volgt een voorbeeld van een 4 kwartsmaat.

 fig. 4

4 KWARTSMAAT

In het voorbeeld (fig.4) klap je dus 4 x in je handen en tegelijk tik je 4 x met je voet.

  fig. 5

                        1                2                     3                       4

dubbele notenbalk

Je ziet (fig.5) aan de noten dat het tempo van je handen veranderd maar dat het tempo van je voet gelijk blijft.

In dit voorbeeld heeft de eerste maat 4 tellen rust. Deze rusten tik je WEL met je voet. Je klapt de noten op de notenbalk waar “handen” staat. 

Je mag (zeker als beginner) de cijfers als volgt hardop meetelllen, waarbij het goed is om het accent op het eerste deel van iedere tel te leggen zoals bijv.(zie fig.5 maat 3)

Eén e Twéé e Drié e Viér e

en ook: (zie fig.5 maat 4)

Eén e & e Twéé e & e Drié Viér

Hardop meetellen is bovendien een zeer goed middel om jezelf te controleren.

De doorgebonden (of overgebonden) noot.

Als een noot een binding heeft, wordt de gebonden  noot,

fig.6

2 kwarten gebonden

hier dus de TWEEDE noot, NIET geklapt terwijl je voet WEL gewoon doortikt.

Oefen regelmatig bijvoorbeeld 2 of 3 x per week op vaste dagen en dan zo’n 5 á 10 minuten per dag.

Level 1 is een level zonder rusten, in level 2 komen de rusten erbij, level 3 is niet altijd moeilijker dan level 1 of 2 maar heeft vaak andere noten of rusten.

Ga niet te vlug door naar de volgende oefening als je de oefening waar je mee bezig bent nog niet (helemaal) onder de knie hebt. Net als in de muziekpraktijk blijft het belangrijk om te herhalen, herhalen en nog eens herhalen.

Cursusdeel 2 “de achtsten”

 

In deze cursus tikken we voor de achtsten 1x per 3 tellen! (zie fig.7)

fig.7

accent teken

>      = accent teken

In een 6 achtste maat tik je met je voet dus op de 1e en de 4e tel. (zie de 2 maten in fig.7.)

(in een 9 achtste maat tik je op de 1e de 4e en de 7e tel en in de 12 achtste tik je met je voet op de 1e, de 4e, de 7e, en de 10e tel).

Klinkt dit moeilijk, geen nood, de tellen en de accenten in de voorbeelden van de achtsten-cursus staan in de oefeningen zelf.

In de oefeningen met de achtsten, tik je NIET iedere noot met je voet maar tik je met je voet op de plaats van de accenten. (>) Het regelmatig tikken zoals een klok blijft hier gelden. In onderstaande oefening tikt je voet dus alleen op 1 en op 4, terwijl je 6x per maat in je handen klapt.

Het > (=accent teken) geeft aan waar je tikt met je VOET.(fig.7)

Probeer dit accent extra te benadrukken,

 

Suggestie:

Als je de gehele cursus gevolgd hebt, is het misschien leuk om eens te proberen de oefeningen door te nemen met gebruik van alleen je 2 handen of alleen je 2 voeten. Een hand tikt dan het ritme van je voet, de andere het ritme van je handen. Zo ook met je voeten.